Het is weer avond. De kinderen slapen en ik ben alleen op “onze” kamer. Ik slaap al lang niet meer in dit bed.

Er liggen groene lakens op het bed. Dezelfde groene lakens als op de foto’s die ik ontdekte op m’n man z’n telefoon. De foto’s die hij doorstuurde naar andere vrouwen, maar erger nog, naar kinderen. De groene lakens, een afgezakte onderbroek en zijn stijve lid. Ik zie de foto’s van de jonge meisjes weer voor me.

Hij vraagt zich af waarom ik niet meer in mijn eigen bed wil slapen. Verwonderd het jou?

Ik doe mijn work out, laad zijn iPad op nadat ik alles gecontroleerd heb op verdachte mails, sites of berichtjes en ga weer op het logeerbed onder mijn oudste dochter haar bedje slapen.

Zelfs als ik zo diep zit, me zo slecht voel,… Ben ik sterker dan alle negativiteit. Fysiek ben ik geen vechter, maar mentaal zeer zeker wel. Ik ben een sterke vrouw. En ik zal sterk moeten zijn. Er wachten ons nog zware jaren, zeker gezien voor beide de psychische ondersteuning wegvalt. Maar ik weet dat ik het kan.

#strongwoman

Ik wil hem haten, geloof ik

Ik ben de laatste dagen erg boos op mijn man. Gezien de omstandigheden niet abnormaal.

In mijn ogen zie ik hem niet verbeteren of genezen. Dit was wel een van mijn vereisten. Toen ik hem daar vandaag weer eens mee confronteerde, wist hij mij te vertellen dat hij aan zichzelf werkt op zijn eigen manier. “goed” dacht ik, “maar ik wil dit zien”.

“Kan ik dit wel zien?” Vroeg ik mezelf af. Daarmee bedoel ik niet enkel fysiek met mijn ogen. Vooral mentaal. Kan ik het aan?

Eerlijk gezegd wil ik hem momenteel verdriet zien hebben. Ik wil hem weer zien huilen uit afgunst van zichzelf, zoals de eerste twee dagen nadat het uit kwam. Ik wil hem zichzelf zien haten voor wat hij gedaan heeft. Ik wil hem nogmaals duizend keer horen excuseren. En niet alleen tegen mij. Tegen de slachtoffers deze keer.

Maar waarom wil ik dat? Ik voel me er beter door maar waarom? Is het gemeen van mij? Ik weet het niet. Het zou me wel helpen om te zien dat hij werkelijk inziet wat hij gedaan heeft. En dat hij er van af ziet. Het geeft me het gevoel dat hij wél wil genezen.

Momenteel zie ik een 17 jarige puberende kerel voor me. Geen besef meer van de impact van zijn daad. Iemand die alles maar normaal vind. Het naar zijn hand zet. En door gaat alsof er niets is gebeurd.

Misschien ben ik jaloers. Ik wil dat ook kunnen.

Even kort

Hi. Even kort voor wie m’n eerste blog bericht heeft gelezen. Momenteel zit er een enorme wolk in m’n hoofd zoals beschreven. Ik doe er uren over om een paar zinnen op papier te krijgen. Ik heb totaal geen idee van wat er voor me of rond me gebeurd. De zinnen zullen waarschijnlijk erg raar of kort zijn.

Dat is hoe mijn brein nu even werkt.

Daarnaast heb ik dyslectie en dysortografie. Dat maakt het schrijven niet gemakkelijker maar het houd me ook niet tegen. Hopenlijk lukt het je om mijn “tekst” te ontcijferen. Soms zijn er heldere momenten, zonder wolk, en dan zal het schrijven beter gaan. Tot snel.

Korte inleiding: scrambled brain

De dag dat mijn man zich oute als pedofiel. De dag dat de wereld niet meer bestond.

Ik heb zelf de foto’s ontdekt. Foto’s van meisjes, die veel te jong waren om in deze poses op foto’s te staan.

Ik ben in shock gegaan. Alles wat daarna gebeurde was op automatische piloot. Eerst heb ik mijn moeder gebeld. Ze kon me helemaal niet verstaan. Daarna mijn schoonbroer blijkbaar. En daarna de politie. Ook zij konden me niet verstaan.

“ik heb kinderporno ontdekt op de gsm van mijn man.” ik heb de zin die avond zo vaak herhaald. De komende maand zelfs. Maar niemand kan hem van de eerste keer horen. Ik moet hem elke keer herhalen. En die tweede keer doet me steeds de das om.

Het maakt een wrak van een mens. Maar ik moet me staande houden. Zorgen dat alles blijft draaien. Hem 24/7 Controleren, verdragen en verzorgen. Want hij blijft zich gedragen als een puberende 17 jarige.

Ik woon vandaag nog met hem samen. Hij is de volgende dag na zijn arrestatie al vrijgelaten. Zeer weinig hulp. Een kliniek of psychiatrische instelling wilt met hem niet aan de slag. We wachten nog steeds op het tweede verhoor en de uitspraak van de rechter.

Ik woon niet met hem samen uit plezier. Ik walg elke dag. Ik haat elke dag. Ik sta met m’n rug tegen de muur. Het is afwachten. Die onzekerheid houd aan en ook die weegt zwaar op m’n schouders.

De foto’s komen steeds voor m’n ogen. Ik huil om de meisjes. Ik hoop dat deze gevonden worden en geholpen worden. (het waren jonge tieners. Geen jonge kinderen.)

Ik wil hier mijn verhaal kwijt. Ik hoop andere vrouwen in deze situatie te vinden, of dat zij mijn verhaal vinden.

Ik heb gezocht en gezocht. Maar ook voor de vrouw van de pedo (ook slachtoffer dus) is er bijna geen hulp. Ik hoop dat er meer erkenning komt voor ons lijden.

Ik sta op een wachtlijst van 1.5j. De hulp die ik al gehad heb (CAW, OCMW en omgeving) is fantastisch. Zonder hen was ik niet in staat deze woorden neer te schrijven.

Er zit een wolk in mijn hoofd. (dissociatie) en soms verdwijnt de grond onder mijn voeten. (paniekaanvallen). Ik ben niet meer ik. Mijn leven is voorbij. Ik moet een nieuwe ik. En een nieuw leven. Kon je die maar kopen.